Visie op zorg

 

In de Gemeentelijke Basisschool Retie streven we ernaar dat alle kinderen optimale leer- en ontwikkelingskansen krijgen. Kinderen verschillen van elkaar in interesses, leefwereld, kansen die ze aangeboden krijgen, taalvaardigheid,... De school heeft de opdracht positief en constructief om te gaan met deze diversiteit. Elk kind zal, ongeacht zijn afkomst, geslacht, religie en taal, een kansrijke leeromgeving aangeboden krijgen waardoor het zijn totale persoonlijkheid kan ontwikkelen en de eindtermen van het basisonderwijs kan behalen.

Een grote uitdaging voor onze samenleving – en dus ook voor onze school – is leren omgaan met diversiteit tussen mensen. Mensen verschillen van elkaar in cultuur, taal, godsdienst, enz. Maar we moeten ook leren omgaan met mensen die van ons verschillen wat betreft sociale achtergrond, talenten, geslacht, interesses, gezondheid, kleur, en ga zo maar door.

Wij willen met onze school een schakel zijn in dit leerproces.

Wij willen onze leerlingen laten ervaren dat iedereen tegelijk ‘anders’ en ‘gelijk’ is.

Wij willen onze kinderen leren elkaar aanvaarden en met elkaar in dialoog gaan, dankzij en ondanks de verschillen die er zijn.

Onze school, gesitueerd in Retie, is een afspiegeling van de lokale diverse gemeenschap.

Aandacht voor de voordelen van de verscheidenheid bij de plaatselijke bevolking is voor onze school erg belangrijk. Samenwerken met mensen in verenigingen en organisaties buiten de school, kan helpen om deze diversiteit te benutten. Zo kom je met elkaars zienswijze en talenten in contact en kan je ervaringen uitwisselen. Het is dus van groot belang om ook buiten de schoolcontext te treden.

Door de ouders van onze kinderen te betrekken bij het schoolleven op verschillende vlakken (schoolraad, oudercomité, hulp bij verschillende activiteiten, een door hen geleide activiteit,...) ervaren de kinderen dat een verschillende benadering door verschillende mensen een verrijking betekent.

Ook binnen het leerkrachtenteam wordt de eigenheid van ieder individu op optimale wijze benut waardoor lessen en projecten, benaderd vanuit verschillende invalshoeken, resulteren in veelzijdige activiteiten en een meerwaarde betekenen voor de kinderen.

Vertrekkend vanuit een positief schoolklimaat leren kinderen bewust of onbewust omgaan met diversiteit in hun omgeving. Een kind dat zichzelf waardeert en zich door anderen geapprecieerd voelt in zijn eigenheid zal sneller de stap kunnen zetten in zijn waardering naar anderen toe.

Kinderen, functionerend vanuit een positief zelfbeeld, durven problemen benaderen vanuit hun specifieke zienswijze en aanvoelen. Ze ervaren zodoende dat hun onderlinge diversiteit een verrijking betekent binnen hun belevingswereld en groeiproces.

Daarom willen we een zorgbrede school zijn waarbij we verantwoord omgaan met de verschillen tussen kinderen. ‘Zorg: aanpak van ontwikkelings- en leerbedreigde kinderen’ is bijgevolg één van onze zeven GBRetie-kernideeën. Het zorgteam heeft hierin een coördinerende functie en zal de schoolse ontwikkeling van alle kinderen regelmatig gedurende de hele schoolloopbaan in kaart brengen. Op deze wijze kunnen er tijdig maatregelen genomen worden voor kinderen die op één of ander domein uitvallen. Kinderen hebben allen een verschillende startsituatie, hetzij door hun aanleg, hetzij door de omgeving waarbinnen ze opgroeien, hetzij... Om hier zo goed mogelijk op in te spelen en ieder kind een zo vlotte en aangenaam mogelijke schoolloopbaan te laten doorlopen, wordt dit schooleigen ‘Beleid op Leerlingenbegeleiding’ uitgeschreven door het zorgteam, in samenwerking met alle leden van het schoolteam. Leerlingenbegeleiding is immers een ploegsport en geen eenmans gebeuren. Dit betekent dat iedereen binnen de leerlingenbegeleiding bepaalde verantwoordelijkheden heeft.

Hierbij hanteren we volgende uitgangspunten:

De klastitularis is de eerste verantwoordelijke op het gebied van zorg. Hij of zij observeert en noteert de vorderingen van het kind. De klastitularis is de eerste persoon die kennismaakt met de problemen. Met een gerichte aanpak tracht hij eerst het probleem in de klas en met de ouders op te lossen. Als er niet snel een oplossing komt, richt hij zich tot de zorgcoördinator en/of tot het CLB.

Constructief samenwerken vinden we in onze school belangrijk. Bij beeldvorming richten we ons niet alleen op kindkenmerken maar ook op kenmerken van de onderwijsleersituatie. Leerkracht, CLB, ouders, directie en eventueel externen worden betrokken bij deze beeldvorming. Bij diagnostiek richten we ons dus niet enkel op het kind, maar op het kind in interactie met zijn omgeving.

MDO-gesprekken worden door de leerkrachten grondig voorbereid : hulpvragen proberen we zo duidelijk mogelijk te krijgen. In het MDO worden de kinderen besproken die de leerkracht aanmeldt. Samen brengen we het kind in beeld en samen zoeken we wat dit kind, in deze klas, bij deze leerkracht nodig heeft.

De belangrijkste vorm van opvolgen van kinderen is de dagelijkse observatie, evaluatie en bijsturing door de kleuterleidster of leerkracht in de klas. Als een zekere achterstand vlug wordt opgemerkt, is de kans op remediëring groter. In de kleuterschool wordt gewerkt met kindvolgsysteem ‘Doelgericht observeren in de kleuterklas’. Aan de hand hiervan observeren en registreren de kleuterjuffen systematisch alle kleuters.

Bijkomend wordt – indien nodig – gewerkt met zorgobservaties. De zorgcoördinator werkt hier samen met de kleuterjuf.

In de lagere afdeling worden twee maal per schooljaar leerlingvolgsysteemtoetsen (LVS-toetsen) afgenomen. We gebruiken het leerlingvolgsysteem van C.S.B.O. Er zijn testen voor wiskunde, technisch lezen en spelling. De resultaten worden vergeleken met het Vlaams gemiddelde en weergegeven in percentielen en zones. Deze worden uitgezet in een diagram om het verloop en de evolutie doorheen de hele lagere school weer te geven en op te volgen.

Alle relevante informatie over elk kind van onze school wordt opgenomen in een dossier. Dit dossier is online te raadplegen en aan te vullen door alle betrokken personeelsleden. De zorgcoördinator zorgt ervoor dat van elke overleg over het kind een neerslag komt in het dossier. We beogen hiermee een goede doorstroming van informatie voor alle betrokkenen (zie onderdeel ‘leerlingenbegeleiding’ in het uitvoerend gedeelte van dit schoolwerkplan).

LVS is in elke kindbespreking een leidraad. Er wordt gekeken naar de zones, de percentielen en de foutenanalyses. In MDO-gesprekken worden de resultaten van de LVS-testen besproken. Van hieruit worden onderwijsbehoeftes voor het kind en ondersteuningsbehoeften voor de leerkracht geformuleerd.

Zorg wordt besproken in de vorm van “zorgkwartiertjes” die georganiseerd kunnen worden in elke klas. Dit houdt in dat de klasleerkracht en de zorgcoördinator samen zitten en bekijken of de zorg optimaal wordt aangewend. Zo denkt de leerkracht mee na over de bijdrage aan de oplossing van problemen. Samen bekijken we wat we het best kunnen doen om de leerachterstand van het kind zo snel mogelijk te kunnen wegwerken. We zoeken naar differentiatiemogelijkheden voor het kind. In deze fase kijken we op welk zorgniveau uit het zorgcontinuüm het kind zich bevindt.

De basiszorg in de klas kan worden uitgebreid door de juf, parallelleerkracht en/of de zorgjuf. We organiseren daarom extra zorgmomenten in de vorm van teamteaching : wanneer een klastitularis klasvrij is omwille van LO en/of levensbeschouwelijk vak gaat deze leerkracht minstens één uur per week zorgondersteuning bieden aan een kind of een groepje kinderen van de parallelklas of de klas van een jaartje hoger/lager (in de wijkafdeling). Het kind kan daarbij ook in verhoogde zorg in de zorgklas begeleid worden door de zorgjuf.

We hechten veel belang aan het flexibel invullen van de zorguren die beschikbaar zijn per klas. Zorg is vraaggestuurd. Dit houdt in dat elke leerkracht ten allen tijde een zorgvraag kan indienen. Samen bekijken we hoe we dit inplannen. Bijkomend hebben de leerkrachten de mogelijkheid om extra zorg aan te vragen via een online zorgrooster.

Tips van ouders worden gebruikt en benut. Regelmatig zitten we samen met ouders, eventueel met externe hulpverleners erbij. Zo werken we op een transparante manier. We proberen zoveel mogelijk het positieve en waar het kind goed in is te benoemen en dit te zien als kansen naar aanpak toe. Het is ook zeer belangrijk om de ouders vanaf het begin te betrekken in die aanpak. De leerkracht/zorgcoördinator verwacht van de ouders informatie over het kind en hoe zij de moeilijkheden ervaren. De leerkracht of zorgcoördinator brengt de ouders op de hoogte van wat er in de school is gebeurd en wat men zal doen om de leerproblemen aan te pakken. Het is belangrijk dat ouders aanvaarden dat hun kind op dat moment moeilijkheden heeft bij het leren en dat hun aanpak aansluit op de aanpak van de school.

We praten niet alleen over kinderen, we praten ook met kinderen. We organiseren regelmatig gesprekken met kinderen. We vinden het belangrijk dat we luisteren naar het kind. We willen op een transparante manier werken, niet alleen met de ouders maar in het bijzonder met het kind.

Om tot een goed functionerende leerlingenbegeleiding te komen is het van groot belang dat iedereen ook zijn verantwoordelijkheden kent en neemt.

Kortom:

We zetten als zorgbrede school erg in op diversiteit. Kinderen mogen ervaren dat iedereen ‘anders’ maar ook ‘gelijk’ is. De zorgwerking is een belangrijke schakel in het leerproces van kinderen en heeft aandacht voor zowel zij die het moeilijker hebben bij het leren als zij waar het sneller mag gaan.

Onze leidraad omtrent zorg in onze school is het zorgcontinuüm. Deze piramide stelt de klasleerkracht hierin als de eerste verantwoordelijke bij het leerproces van elk kind (Fase 0). De juf of meester zorgt voor voldoende differentiatie, een krachtige leeromgeving en een warm klasklimaat.

Verhoogde zorg (Fase 1), of eventueel uitbreiding zorg (Fase 2), wordt neergezet wanneer er meer ondersteuning nodig is. Dit gebeurt steeds in overleg met kinderen, ouders, CLB en/of externen. Het ontwikkelen van een leerproces bij kinderen is een gezamenlijk proces waarbij we oog hebben voor de schoolcontext en kijken we verder dan onze schoolmuren.

Het zorgteam ondersteunt een goede opvolging van elk kind doorheen de doorgaande lijn van 2,5 tot 12 jaar.